maandag 31 maart 2008

Waarom huil je?

Maria stond nog bij het graf en huilde. Huilend boog ze zich naar het graf, en daar zag ze twee engelen in witte kleren zitten, een bij het hoofdeind en een bij het voeteneind van de plek waar het lichaam van Jezus had gelegen. ‘Waarom huil je?’ vroegen ze haar. Ze zei: ‘Ze hebben mijn Heer weggehaald en ik weet niet waar ze hem hebben neergelegd.’ Na deze woorden keek ze om en zag ze Jezus staan, maar ze wist niet dat het Jezus was. ‘Waarom huil je?’ vroeg Jezus. ‘Wie zoek je?’ Maria dacht dat het de tuinman was en zei: ‘Als u hem hebt weggehaald, vertel me dan waar u hem hebt neergelegd, dan kan ik hem meenemen.’ Jezus zei tegen haar: ‘Maria!’ Ze draaide zich om en zei: ‘Rabboeni!’ (Dat betekent ‘meester’.) Johannes 20:11-16

REFLECTIE

Maria van Magdala was intens verdrietig. Met een paar woorden beschrijft Johannes hoe deze vrouw ontredderd kijkt naar het lege graf van Jezus. Meestal moeten engelen bij een ontmoeting met gewone mensenkinderen eerst zeggen: ‘Wees niet bang’, maar deze engelen vragen de diepbedroefde vrouw: ‘Waarom huil je?’
Kennelijk kan Maria de situatie niet meer aan en zijn haar ogen gevuld met tranen – zo erg zelfs, dat zij haar Meester niet direct herkent wanneer Hij plots bij haar staat. Ook Hij vraagt haar: ‘Waarom huil je?’ gevolgd door een tweede vraag: ‘Wie zoek je?’
Is het niet duidelijk waarom Maria huilt? Weet Jezus niet wie zij zoekt?

GEBED
Lieve Heer, in een paar regels beschrijft Johannes hoe een intens verdrietige vrouw door U tegemoet wordt getreden. Wij zijn geneigd om mensen in moeilijkheden direct een oplossing aan te bieden, vooral wanneer wij precies weten wat het antwoord op hun vragen is. Maar hier zien wij hoe Maria eerst de kans krijgt om haar verdriet en wanhoop uit te spreken. Pas daarna ontdekt zij dat het antwoord op al haar vragen dichterbij is dan zij durft te dromen.
Help ons om in dagen van verdriet terug te denken aan deze indrukwekkende ontmoeting. Help ons om dan ook door onze tranen heen op te kijken naar U, onze levende Heer die dichterbij is dan wij kunnen zien. En help ons ook om wijze vragen te stellen wanneer wij zelf iemand tegenkomen die overmand is door verdriet. Amen

dinsdag 25 maart 2008

Hij zag het en geloofde

Petrus en de andere leerling gingen op weg naar het graf. Ze liepen beiden snel, maar de andere leerling rende vooruit, sneller dan Petrus, en kwam als eerste bij het graf. Hij boog zich voorover en zag de linnen doeken liggen, maar hij ging niet naar binnen. Even later kwam Simon Petrus en hij ging het graf wel in. Ook hij zag de linnen doeken, en hij zag dat de doek die Jezus’ gezicht bedekt had niet bij de andere doeken lag, maar apart opgerold op een andere plek. Toen ging ook de andere leerling, die het eerst bij het graf gekomen was, het graf in. Hij zag het en geloofde. Johannes 20:3-8

REFLECTIE

Twee leerlingen van Jezus zijn door Maria van Magdala gealarmeerd: het lichaam van Jezus is weg! Johannes, de man die in zijn evangelie een ooggetuigenverslag geeft van het leven en het overlijden van zijn Meester, rent voor Petrus uit. Hij komt als eerste bij het geopende, lege graf aan, maar wacht (uit angst? uit beleefdheid?) op Petrus voordat hij het graf binnengaat. Maar hij kan zich in de tussentijd niet beheersen, buigt zich voorover, kijkt in het graf en ziet daar de linnen doeken liggen waarin het gebalsemde lichaam van Jezus gerold was. Het lichaam is weg, maar de doeken zijn achtergebleven als een lege cocon. De doek die Jezus’ gezicht bedekt had, is netjes weggelegd. Een klein detail, maar voor Johannes is het kennelijk een overtuigend bewijs: zijn Heer is als Overwinnaar uit de dood tevoorschijn gekomen!

GEBED
Heer Jezus! Wat is het mooi om dit feitelijke verslag van uw leerling Johannes te lezen. Uw trouwe vriend die steeds dicht aan uw zijde bleef; de leerling die aan de voet van uw kruis stond en zich over uw moeder mocht ontfermen; hij mag met eigen ogen zien dat U het graf verlaten hebt. ‘Hij zag het en geloofde’ – en wij lezen zijn woorden en geloven eveneens. U bent de levende Heer en U bent ons vertrouwen waard!
Laat ons leven uit over opstandingskracht, geef ons zicht op U en op de toekomst die we samen met U tegemoet mogen gaan. De dood is verslagen, U bent Heer! Amen

maandag 17 maart 2008

Kleur bekennen

Na deze gebeurtenissen vroeg Josef uit Arimatea – die uit vrees voor de Joden in het geheim een leerling van Jezus was – aan Pilatus of hij het lichaam van Jezus mocht meenemen. Pilatus gaf toestemming en Josef nam het lichaam mee. Nikodemus, die destijds ’s nachts naar Jezus toe gegaan was, kwam ook; hij had een mengsel van mirre en aloë bij zich, wel honderd litra. Ze wikkelden Jezus’ lichaam met de balsem in linnen, zoals gebruikelijk is bij een Joodse begrafenis. Dicht bij de plaats waar Jezus gekruisigd was lag een olijfgaard, en daar was een nieuw graf, waarin nog nooit iemand begraven was. Omdat het voor de Joden voorbereidingsdag was en dat graf dichtbij was, legden ze Jezus daarin. (Joh. 19:38-42)

REFLECTIE

Wie is er een held? Wie durft onverschrokken altijd en overal uit te komen voor zijn geloof in Jezus Christus?
Josef uit Arimatea had kennelijk veel te duchten van dezelfde mannen die Jezus hadden laten veroordelen en kruisigen. Hij moest op z'n tellen passen. Uit het evangelie van Matteus weten we dat deze Josef een rijke man was en dat het nieuwe graf waar hij Jezus naartoe bracht eigenlijk voor hemzelf bedoeld was. Maar Josef had meer respect dan angst, meer liefde dan vrees. Hij kwam uit de anonimiteit naar voren, benaderde Pilatus en zorgde er persoonlijk voor dat het lichaam van zijn Heer een fatsoenlijke joodse begrafenis kreeg.
Nikodemus zijn we al tegengekomen in Johannes 3. Hij was een hooggeplaatst farizeeër, een joodse leider. In Johannes 7:50 zie we dat hij zich durfde uit te spreken voor een eerlijke rechtsgang. Nu Jezus gestorven is en Nikodemus zich beter gedeisd kan houden, bekent ook deze dappere, rechtschapen man kleur. Hij geeft een vermogen uit om het lichaam van zijn Heer te balsemen en samen met Josef van Arimatea bewijst hij zijn Heer de laatste eer.

GEBED
Heer Jezus, we staan stil bij uw kruisdood. We hebben ons vaak een voorstelling gemaakt van uw lijden en sterven, maar goedbeschouwd was uw dood onvoorstelbaar wreed en ongelofelijk pijnlijk. Dank U dat U deze gruwelijke dood wilde sterven om ons te verlossen van schuld en het eeuwige leven te schenken.
Dank U ook voor de levens van Nikodemus en Josef van Arimatea. Toen het er echt op aan kwam, zijn deze mannen dapper naar voren gekomen en hebben zij kosten noch moeite gespaard om U eer te bewijzen. Misschien waren zij geen radicale bekeerlingen die ogenblikkelijk alles loslieten om U onmiddelijk te volgen. Waarschijnlijk hadden zij veel te verliezen en liepen zij grote risico's. Maar wij zien hoe U geleidelijk in hun levens tot uw doel komt en hoe deze mannen hun angst verloren en een krachtig getuigenis van hun liefde voor U hebben achtergelaten.

maandag 10 maart 2008

Superieur

Bij het kruis van Jezus stonden zijn moeder met haar zuster, Maria, de vrouw van Klopas, en Maria uit Magdala. Toen Jezus zijn moeder zag staan, en bij haar de leerling van wie hij veel hield, zei hij tegen zijn moeder: ‘Dat is uw zoon,’ en daarna tegen de leerling: ‘Dat is je moeder.’ Vanaf dat moment nam die leerling haar bij zich in huis.
Toen wist Jezus dat alles was volbracht, en om de Schrift geheel in vervulling te laten gaan zei hij: ‘Ik heb dorst.’ Er stond daar een vat zure wijn; ze staken er een majoraantak met een spons in en brachten die naar zijn mond. Nadat Jezus ervan gedronken had zei hij: ‘Het is volbracht.’ Hij boog zijn hoofd en gaf de geest. (Johannes 19:25-30)

REFLECTIE

Hoe machteloos kun je zijn? Jezus was zwaar mishandeld, had zelf een groot deel van de weg met een balk gezeuld, was met handen en voeten aan het kruis genageld en hing daar te sterven van de pijn. Letterlijk. Wie heeft er nog oog voor een ander in dergelijke omstandigheden? Jezus. Hij sprak vergeving uit voor de mensen die Hem dit lijden hadden aangedaan, verzekerde een van zijn medegekruisigden dat hij dezelfde dag nog met Hem in het paradijs zou zijn en regelde vanaf het kruis dat Maria vanaf nu weer een goede zoon had - en Johannes een lieve moeder.
Jezus heeft de regie volledig in handen, terwijl Hij menselijk gesproken tot niets meer in staat is. Johannes wijst ons er op dat Jezus woorden uitsprak om de Schrift geheel in vervulling te laten gaan. Terwijl de andere gekruisigden nog machteloos op het moment van hun overlijden moesten wachten, boog Jezus zijn hoofd en gaf de geest.

GEBED
Heer Jezus, wat we ook over U lezen en waar we het ook in de Bijbel lezen - het is allemaal even indrukwekkend. Zoveel profetieën die eeuwen daarvoor over de komende Messias waren uitgesproken, werden bijna terloops door U vervuld. Soms zorgden zelfs uw vijanden ervoor dat deze voorzeggingen tot in detail zijn uitgekomen! U hebt uw tegenstander op elk punt volledig verslagen. En dat op een manier die hij nooit had kunnen bedenken: door zwak te zijn en uit liefde alles weg te geven. Superieur! Ik prijs U, Jezus, U bent Heer! Amen.

maandag 3 maart 2008

Jezus in het midden

Zij voerden Jezus weg; hij droeg zelf het kruis naar de zogeheten Schedelplaats, in het Hebreeuws Golgota. Daar kruisigden ze hem, met twee anderen, aan weerskanten één, en Jezus in het midden. (Johannes 19:16-18)

REFLECTIE
De dood door kruisiging. Een wredere manier om iemand van het leven te beroven kun je bijna niet bedenken. Johannes vertelt ons dat Jezus zelf het kruis droeg naar de plaats van executie. We weten uit andere getuigenverslagen dat Simon van Cyrene uit het publiek gehaald werd om Jezus bij het laatste deel van de gruwelijke voettocht te helpen. Dat zegt alles over de pijn die Jezus was aangedaan tijdens zijn 'verhoor'. De timmerman die als jongeman met zware balken had gesleept, was nu niet meer in staat om zelf die laatste meters met het kruishout te lopen. En hoe gek het ook klinkt, ik ben blij dat er tenminste nog één mens was die – zij het gedwongen – iets voor Hem kon doen. Johannes vertelt ons zonder veel omhaal van woorden dat Jezus in het midden hing. Daar hing hij, volmaakt onschuldig, tussen twee mannen die straf verdiend hadden – al mag ik me misschien ook in hun geval afvragen waarom dat zo'n gruwelijk wrede straf moest zijn.

GEBED
Trouwe Heer, we staan regelmatig stil bij uw dood. We hebben afbeeldingen gezien, filmbeelden zelfs, die ons een idee geven van uw verschrikkelijke lijden. Maar eerlijk gezegd kunnen we er ons nog geen voorstelling van maken.
De twee mannen die met U gekruisigd werden wisten wel wat U doormaakte. Zij hingen daar omdat zij volgens de wetten van die tijd straf verdiend hadden, maar wie is er zonder schuld dan U alleen? Ook deze mannen konden hun eigen zonden niet wegwassen en waren voor vergeving volledig afhankelijk van U die daar in het midden hing. Geen van deze mannen kon actief iets doen om eeuwig leven te verdienen, ook hun eigen kruisdood bracht geen verlossing. We weten dat één van hen in die laatste momenten van zijn leven U als Redder vond. Wat een onvoorstelbaar groots moment. U deelde zelfs in uw diepste pijn en eenzaamheid nog liefde, aandacht en vergeving uit. U bent Heer! Amen

maandag 25 februari 2008

Hier is hij, de mens

Toen liet Pilatus Jezus geselen. De soldaten vlochten een kroon van doorntakken, zetten die op zijn hoofd en deden hem een purperen mantel aan. Ze liepen naar hem toe en zeiden: ‘Leve de koning van de Joden!’, en ze sloegen hem in het gezicht. Pilatus liep weer naar buiten en zei: ‘Ik zal hem hier buiten aan u tonen om u duidelijk te maken dat ik geen enkel bewijs van zijn schuld heb gevonden.’ Daarop kwam Jezus naar buiten, met de doornenkroon op en de purperen mantel aan. ‘Hier is hij, de mens,’ zei Pilatus. (Johannes 19:1-5)

REFLECTIE

Welke dreiging ging er van Jezus uit? We weten dat Hij in heilige verontwaardiging de tempel reinigde van uitbuiters en dieven, maar nergens lezen we dat Hij mensen opriep om zich met geweld te verzetten tegen de Romeinse bezetter of de Joodse leiders. In tegendeel, Jezus riep op tot een levenshouding van liefde, verdraagzaamheid, mildheid en vergeving. Wie kan daar iets tegen hebben?
Op de beschuldiging van godslastering hadden de Joden hun eigen wetgeving (die van Mozes) kunnen toepassen. Dood door steniging was dan het gevolg geweest. Maar klaarblijkelijk had men een nog wredere, vernederende dood voor Jezus in gedachten en de executie moest worden uitgevoerd door de Romeinen. Met een mix van manipulatie en valse beschuldigingen zorgen de Joodse leiders ervoor dat Jezus sterft op een wijze die precies past bij de profetieën uit hun eigen geschriften. De vernedering van Jezus betekende uiteindelijk zijn verhoging. De bespotting draaide uit op zijn verheerlijking. Zijn dood werd de toegang tot eeuwig leven.

GEBED
Trouwe Heer, U die alle macht in hemel en op aarde hebt, U die met een zucht al uw tegenstanders had kunnen wegvagen, U onderging de spot en vernedering met waardigheid en kracht. Alles wat U zei kwam voort uit liefde voor ons en gehoorzaamheid aan uw Vader. Niets wat U deed verdiende afkeuring of straf. En nog altijd zijn er mensen die met U spotten en die met een duivels genoegen uw Naam door het slijk halen. Dat zegt niets over U, maar alles over deze mensen.
Er komt een dag dat wij met U als overwinnaars zullen heersen. Er komt een dag dat alle spotters voorgoed het zwijgen wordt opgelegd. Er komt een dag dat U, rechtvaardige Rechter, een zuiver oordeel zult vellen. Bewaar uw kinderen, sterk ons tot die tijd door uw Woord en uw Geest. En als wij moeten lijden om uw naam, dan is dat slechts tot eer van U. Amen

maandag 18 februari 2008

En nu nog de juiste antwoorden

Nu ging Pilatus het pretorium weer in. Hij liet Jezus bij zich komen en vroeg hem: ‘Bent u de koning van de Joden?’ Jezus antwoordde: ‘Vraagt u dit uit uzelf of hebben anderen dit over mij gezegd?’ ‘Ik ben toch geen Jood,’ antwoordde Pilatus. ‘Uw volk en uw hogepriesters hebben u aan mij uitgeleverd – wat hebt u gedaan?’ Jezus antwoordde: ‘Mijn koningschap hoort niet bij deze wereld. Als mijn koningschap bij deze wereld hoorde, zouden mijn dienaren wel gevochten hebben om te voorkomen dat ik aan de Joden werd uitgeleverd. Maar mijn koninkrijk is niet van hier.’ Pilatus zei: ‘U bent dus koning?’ ‘U zegt dat ik koning ben,’ zei Jezus. ‘Ik ben geboren en naar de wereld gekomen om van de waarheid te getuigen, en ieder die de waarheid is toegedaan, luistert naar wat ik zeg.’ Hierop zei Pilatus: ‘Maar wat is waarheid?’ Johannes 18:33-38

REFLECTIE
Pilatus dacht dat hij heel wat was. Hij liet de Koning der koningen bij zich komen voor een kort verhoor. Hij zat niet te wachten op onrust in het gebied waar hij namens de Romeinse bezetter de orde moest handhaven. Wat waren dat voor verhalen over die merkwaardige man die door zijn volksgenoten bij hem was gebracht? Beweerde deze Jood echt dat hij een koning was?
Jezus antwoordt - zoals wel vaker - met een scherpe tegenvraag. De rollen zijn direct omgekeerd. Rustig legt Jezus hem uit dat Hij niet gekomen is om een gewelddadige revolutie in gang te zetten, maar om de waarheid wereldkundig te maken. Pilatus heeft nog een vraag over: 'Maar wat is waarheid?'
Tja, sommige mensen staan oog in oog met de waarheid maar zijn zo vol van hun eigen wijsheid dat zij het antwoord op hun slimme vragen niet zien. Maar er komt een dag dat elke knie zich zal buigen voor mijn Heer!

GEBED
Heer Jezus, opnieuw sta ik versteld van u. Elk woord dat u sprak was waar en elke vraag of tegenvraag die u stelde was scherp als een zwaard. Ik ben zo dankbaar dat we nu weten waarom u naar deze wereld bent gekomen en wat u voor ons hebt gedaan. De waarheid is door u en in u tot ons gekomen en onze ogen en harten zijn voor u opengegaan. U bent gekomen om van de waarheid te getuigen en wij zijn geroepen om uw getuigen te zijn. Help ons Heer, om de juiste vragen te stellen en door uw Woord en Geest wijze antwoorden aan de mensen te geven. Uw Woord is de waarheid! Amen

maandag 11 februari 2008

Prijsgegeven om ons vrij te kopen

Jezus werd van Kajafas naar het pretorium gebracht. Het was nog vroeg in de morgen. Zelf gingen ze niet naar binnen, om zich niet te verontreinigen voor het pesachmaal. Daarom kwam Pilatus naar buiten en vroeg: ‘Waarvan beschuldigt u deze man?’ Ze antwoordden: ‘Als hij geen misdadiger was, zouden we hem niet aan u uitgeleverd hebben.’ Pilatus zei: ‘Neem hem dan mee, en veroordeel hem volgens uw eigen wet.’ Maar de Joden wierpen tegen: ‘Wij hebben het recht niet om iemand ter dood te brengen.’ Zo ging de uitspraak van Jezus in vervulling waarin hij aanduidde welke dood hij sterven zou. Johannes 18:28-31

REFLECTIE

Waarom is Jezus eigenlijk niet gestenigd als een valse profeet? Nee, ik zeg natuurlijk niet dat hij een valse profeet was, maar ik probeer te begrijpen waarom de religieuze leiders van Israël destijds het vuile werk door de Romeinse bezetter lieten doen.
Jezus wordt van het kastje naar de muur gezonden. Tijdens deze gang van zaken worden diverse juridische procedures geschonden - degenen die Jezus veroordelen storen zich in dit bijzondere geval niet aan de wetsregels van hun eigen Talmud. Kennelijk hebben de vijanden van Jezus haast. Ze brengen hem naar Pilatus, maar blijven zelf buiten staan. Vrome joodse mannen zouden zich kunnen verontreinigen door het huis van een heiden binnen te gaan. Kennelijk vonden deze zelfde 'vrome' mannen het geen probleem om een volmaakt onschuldige volksgenoot op valse gronden aan de Romeinse bezetter over te leveren. Hun schijnheiligheid spreekt boekdelen en met hun handelswijze zorgden ze er zelf voor dat de profetieën over Jezus' veroordeling en dood in vervulling gingen. Hoe blind kun je zijn!

GEBED
Lieve Jezus, ik weet dat het zo'n tweeduizend jaar geleden is, maar vandaag nog kan ik woedend worden over het onrecht dat u is aangedaan. Wat waren dit voor mensen? Ze wilden zich niet verontreinigen, zo vlak voor het pesachfeest, maar ze maakten zich wel schuldig aan uw onrechtmatige veroordeling. Door hun gemanipuleer met de waarheid werd u, het Lam van God dat de zonde van de wereld wegneemt, naar de slachtbank geleid. O Heer, wat is u een onrecht aangedaan!
Maar u had vooraf gezegd dat u van de aarde omhooggeheven zou worden* en uw vijanden hebben ervoor gezorgd dat dit letterlijk zo in vervulling is gegaan.
Dank u, trouwe Heer, dat u onrecht en vernedering wilde ondergaan en dat u zichzelf wilde prijsgeven om ons vrij te kopen. Amen

*Johannes 12:32

(Illustratie David Sörensen)

maandag 4 februari 2008

Maak ons sterk en moedig


Simon Petrus liep met een andere leerling achter Jezus aan. Deze andere leerling kende de hogepriester en ging met Jezus het paleis van de hogepriester in, maar Petrus bleef buiten bij de poort staan. Daarop kwam de andere leerling, de kennis van de hogepriester, weer naar buiten; hij sprak met de portierster en nam Petrus mee naar binnen. Het meisje sprak Petrus aan: ‘Ben jij soms ook een leerling van die man?’ ‘Nee, ik niet,’ zei hij. (Johannes 18:15-17)

REFLECTIE
Nooit eerder is mij opgevallen dat 'een andere leerling' het paleis van de hogepriester is binnengegaan. Ik geloof dat Johannes, de schrijver van dit evangelie, hier over zichzelf schrijft. Dit verklaart ook hoe hij ons kan vertellen wat er binnen het paleis is gezegd en gedaan.
Johannes, de leerling die Jezus liefhad, neemt grote persoonlijke risico's. Hij is het die bij Jezus blijft wanneer deze gearresteerd en verhoord wordt, hij is het die aan de voet van het kruis staat - bij Maria, de moeder van Jezus. Johannes wil zijn eigen dappere gedrag niet te veel laten afsteken bij het minder fraaie gedrag van zijn broeder Petrus. Maar er is geen ontkennen aan - hij moet ook de waarheid over Petrus vertellen: de stoere man die eerst nog het zwaard hanteert om Jezus te beschermen, bezwijkt onder de druk als de dreiging voor hem te groot wordt.

GEBED
Heer, wat ben ik blij dat er tenminste nog één leerling was die niet van uw zijde week. Johannes plaatst hier niet zichzelf in de schijnwerpers, hij houdt de blik gericht op U. Hij laat ons ook getuige zijn van een zwak moment van Petrus - de stoere discipel die tot drie keer toe ontkende dat hij bij U hoorde. We weten gelukkig dat Petrus verschrikkelijk spijt kreeg van zijn ontkennende woorden en dat Hij door U weer in liefde is aangenomen.
Maak mij toch trouw en sterk als Johannes. Hij was misschien niet de opvallendste kerel in uw gezelschap, maar wat heeft hij ons een prachtig voorbeeld van liefde en trouw gegeven. Ik denk dat ik nu wel begrijp waarom U zoveel van deze leerling hield. Maar Petrus was U ook lief en U wist ook wel dat hij niet minder van U hield. Vergeef ons al die momenten waar we U en onszelf beschaamd hebben. Maak ons sterk en moedig zodat U trots op ons kunt zijn. Amen

Source illustration: Inkwell Greetings

zondag 27 januari 2008

Als jullie mij zoeken, laat deze mensen dan gaan

Jezus wist precies wat er met hem zou gebeuren. Hij liep naar hen toe en vroeg: ‘Wie zoeken jullie?’ Ze antwoordden: ‘Jezus uit Nazaret.’ ‘Ik ben het,’ zei Jezus, terwijl Judas, zijn verrader, erbij stond. Toen hij zei: ‘Ik ben het,’ deinsden ze achteruit en vielen op de grond. Weer vroeg Jezus: ‘Wie zoeken jullie?’ en weer zeiden ze: ‘Jezus uit Nazaret.’ ‘Ik heb jullie al gezegd: “Ik ben het,”’ zei Jezus. ‘Als jullie mij zoeken, laat deze mensen dan gaan.’ (Johannes 18:4-8)

REFLECTIE

Hoe vaak heb ik dit gelezen? Heel vaak. Toch ontdek ik elke keer iets nieuws. Ik heb al eerder geleerd dat Jezus zich hier kenbaar maakt met de IK BEN naam van zijn Vader. Geen wonder dat de mannen die hem kwamen arresteren achteruit deinsden en op de grond vielen! Jezus en zijn leerlingen zouden bij deze confrontatie met gewapende soldaten en tempelwachters bang moeten worden en weg moeten rennen, maar dat gebeurt niet. Ik denk wel dat Jezus' leerlingen geschrokken zijn en later blijkt ook dat ze reden hadden om angstig te zijn, maar Jezus komt hier als Winnaar uit de strijd. Het moet ons niet verbazen, want Jezus komt bij elke confrontatie als Overwinnaar uit de strijd! Kijk hoe Hij hier de regie neemt... 'Wie zoeken jullie?' vraagt Hij aan de mannen die hem komen arresteren. En zie hoe dapper Hij zijn leerlingen hier in bescherming neemt. Jezus wist precies wat er met hem zou gebeuren. Maar Hij schrikt voor niets en niemand terug.

GEBED
Machtige Heer, opnieuw ben ik onder de indruk van U. In gedachten zie ik die soldaten en tempelwachters, geleid door Judas, in die olijfgaard lopen. Alsof ze een grote crimineel moesten oppakken. Wat hebben uw tegenstanders zichzelf daar toch verschrikkelijk te kijk gezet. En wat is het mooi om te zien hoe superieur, hoe majestueus, hoe Goddelijk U zichzelf daar uitlevert. U stond als een beschermheer voor uw vrienden en zonder aarzeling ging U uw lot tegemoet. Wat ben ik blij dat U mijn Heer bent. Wat ben ik dankbaar dat U bereid was om de hele weg te gaan! U bent mijn Superheld. Amen

maandag 21 januari 2008

Eenheid in verscheidenheid

Ik bid niet alleen voor hen, maar voor allen die door hun verkondiging in mij geloven. Laat hen allen één zijn, Vader. Zoals u in mij bent en ik in u, laat hen zo ook in ons zijn, opdat de wereld gelooft dat u mij hebt gezonden. Ik heb hen laten delen in de grootheid die u mij gegeven hebt, opdat zij één zijn zoals wij: ik in hen en u in mij. Dan zullen zij volkomen één zijn en zal de wereld begrijpen dat u mij hebt gezonden, en dat u hen liefhad zoals u mij liefhad. (Johannes 17:20-23)
REFLECTIE

Nadat Jezus voor de kleine kring van zijn leerlingen gebeden had, bad Hij ook "voor allen die door hun verkondiging in mij geloven." Als je in Jezus gelooft, mag je jezelf dus ook tot deze groep rekenen!
Maar wat vraagt Jezus aan zijn Vader voor ons? Hij vraagt om eenheid. Samen met de Vader en de Geest vormt Jezus een volmaakte Drie-eenheid. Ik geloof dat onze menselijke drie-eenheid van ziel, geest en lichaam daar een afspiegeling van is en dat we ook in die zin beelddragers van onze Schepper zijn. Maar welk beeld geven wij de buitenwereld van Christus? Een gaaf beeld van eenheid, of een verbrokkeld beeld van verdeeldheid?

GEBED
Heer Jezus, ik geloof dat de Vader al uw gebeden verhoort - ook als wij dat nu nog niet kunnen zien. Ik geloof in de eenheid van uw volgelingen: uw lichaam hier op aarde. Ik geloof dat wij als kinderen van één Vader door één Geest met U en met elkaar verbonden zijn. Wij zien vaak verschillen en verdeeldheid, maar U ziet eenheid in verscheidenheid. U weet hoe het lichaam samengroeit tot een welsluitend geheel, maar wij zien slecht onsamenhangende lichaamsdelen die elkaar weigeren te steunen en te erkennen. Laat mij toch meewerken aan de eenheid van uw lichaam. Voeg mij toch in op een plaats waar ik aan de eenheid kan werken, waar ik anderen kan dienen en waar ik optimaal inzetbaar ben voor U. Amen

maandag 14 januari 2008

Niet van deze wereld

Ik heb hun uw woord gegeven. De wereld haat hen, omdat ze niet bij de wereld horen, zoals ook ik niet bij de wereld hoor. Ik vraag niet of u hen uit de wereld weg wilt nemen, maar of u hen wilt beschermen tegen de duivel. Ze horen niet bij de wereld, zoals ik niet bij de wereld hoor. Heilig hen dan door de waarheid. Uw woord is de waarheid. Ik zend hen naar de wereld, zoals u mij naar de wereld hebt gezonden. Ik heb mij geheiligd omwille van hen, zo zullen ook zij door de waarheid geheiligd zijn. (Johannes 17:14-19)

REFLECTIE

Reken niet op enthousiaste bijval van veel mensen wanneer je voor je geloof in God uitkomt. Het is te verwachten dat wij - net als Jezus - met tegenstand, spot en zelfs haat geconfronteerd worden. We weten waar al die negativiteit vandaan komt, maar door deze woorden weten we ook dat Jezus Zelf voor onze bescherming heeft gebeden. En vanzelfsprekend verhoort de Vader zijn gebed!
Als Jezus bidt voor onze heiliging, dan betekent dit vooral dat wij door God apart gezet, afgezonderd worden. We laten ons niet ontmoedigen en wegdrukken door tegenstand of haat, want Jezus bad: 'Ik vraag niet of u hen uit de wereld weg wilt nemen' en Hij geeft ons de opdracht de wereld in te gaan. Onze heiliging heeft te maken met het feit dat wij middenin die wereld zo anders zijn dan mensen die wel bij de wereld horen. Uit de liefdevolle en vergevende manier waarop wij reageren moet duidelijk worden dat wij van Jezus zijn.

GEBED
Dank U Jezus voor dit gebed. Dank U dat U de Vader gevraagd heeft ons te beschermen en te heiligen. In ons hart is er altijd het verlangen naar instemming en erkenning. We willen ook graag geaccepteerd worden door onze familie, vrienden, medemensen. En het is natuurlijk fijn als we niet gehaat worden en geen tegenstand ondervinden. Toch kijken we er niet echt van op wanneer we een prijs moeten betalen voor het feit dat wij bij U horen. Het zal ons niet verbazen als mensen afwijzend en spottend reageren op het evangelie. Maar wij danken U voor de familie van God waar wij bij mogen horen en waar we volledig geaccepteerd zijn. Wij houden ons vast aan uw Woord en zijn dankbaar dat we niet van deze wereld maar van U zijn! Amen

maandag 7 januari 2008

Een volle hemel

Daarna sloeg Jezus zijn ogen op naar de hemel en zei: ‘Vader, nu is de tijd gekomen, toon nu de grootheid van uw Zoon, dan zal de Zoon uw grootheid tonen. Hij heeft van u macht over alle mensen ontvangen, de macht om iedereen die u hem gegeven hebt het eeuwige leven te schenken. Het eeuwige leven, dat is dat zij u kennen, de enige ware God, en hem die u gezonden hebt, Jezus Christus. Ik heb op aarde uw grootheid getoond door het werk te volbrengen dat u mij opgedragen hebt. Vader, verhef mij nu tot uw majesteit, tot de grootheid die ik bij u had voordat de wereld bestond. Johannes 17:1-5

REFLECTIE

Eeuwig leven, wat is dat? Eerlijk gezegd kan ik me er niet zo goed een voorstelling van maken. Als ik het probeer dan denk ik aan een prachtige wereld waar ik me tot in lengte van dagen kan verbazen over de goedheid en schoonheid van God en over alles wat Hij gemaakt heeft. Ik ben in die wereld niet alleen, maar met ontelbaar veel mensen en natuurlijk kom ik veel bekenden tegen. Met al die mensen heb ik een perfecte relatie, want niemand heeft slechte bedoelingen, verkeerde gedachten of lelijke karaktertrekjes. En zelf ben ik ook volmaakt geworden.
Er moet dus nog heel veel gebeuren voordat ik in die wereld thuishoor. En ik zou niet weten hoe ik in die hemelse omgeving zou kunnen aankomen zonder het werk dat Jezus op aarde voor mij heeft volbracht. Als ik Hem daar ontmoet ben ik in ieder geval direct in vertrouwd gezelschap. Dat is te mooi voor woorden. Maar dat is God ook.

GEBED
Trouwe Heer, ik lees in uw gebed dat U op aarde zo terugverlangde naar de heerlijke positie die U bij de Vader in de hemel had. Er klinkt niets onoprechts of oneerbiedigs in uw woorden. Uw verlangen om weer volledig deel uit te maken van de grootheid van uw Vader was zo zuiver als de hemel zelf. En uw gebed is vanzelfsprekend verhoord. Het eeuwige leven, dat is dat wij uw Vader kennen als onze Vader, de enige ware God. En dat wij U kennen, de door God gezonden Verlosser, Jezus Christus. De hemel gaat al voor ons open op het moment dat wij U als Redder aanvaarden. Daarna is het slechts een kwestie van tijd voordat we er volledig deel van zullen uitmaken en ten volle van kunnen genieten. Want ik geloof dat het vol zal zijn bij U in de hemel, Heer. Heel erg vol. Maar ook heerlijk, vredig en rustig. Amen

maandag 17 december 2007

Ik ben niet alleen

Toen zeiden de leerlingen: ‘Ja, nu spreekt u rechtstreeks en niet in beelden. Nu begrijpen we dat u alles weet en dat niemand u iets hoeft te vragen, nu geloven we dat u van God bent gekomen.’ Jezus vroeg: ‘Nu geloven jullie? Er komt een tijd, en die tijd is er al, dat jullie uiteengedreven worden, dat ieder zijn eigen weg gaat en mij alleen achterlaat. Maar ik ben niet alleen, want de Vader is bij mij. Ik heb dit gezegd opdat jullie vrede vinden bij mij. Jullie zullen het zwaar te verduren krijgen in de wereld, maar houd moed: ik heb de wereld overwonnen.’ (Johannes 16:29-33)

REFLECTIE

Met de kennis achteraf is het gemakkelijk om de leerlingen van Jezus traag van begrip of ongelovig te vinden. Wij weten nu dat de dingen die Jezus over zijn lijden voorzegd heeft precies zijn uitgekomen, maar toen lag de vervulling van deze woorden nog in een onbekende toekomst. Het is de vraag of wij met meer kennis of geloof gereageerd zouden hebben dan zijn leerlingen in die tijd deden.
Jezus sprak soms ook bewust in raadselen, gaf ontwijkende antwoorden of stelde slimme tegenvragen. Hij liet zijn publiek niet alleen met zijn wonderen, maar ook met zijn woorden versteld staan.
Bij het horen van zijn uitspraken in dit gedeelte denken de leerlingen dat ze Jezus goed begrijpen. Eindelijk spreekt Hij rechtstreeks en niet in beelden. Maar dan vertelt Jezus luid en duidelijk wat Hem te wachten staat en hoe ook zijn leerlingen het in de wereld zwaar te verduren zullen krijgen. Ik denk dat zijn vrienden het op dat moment niet gemakkelijk hebben gehad.

GEBED
Machtige Heer, geen mens beseft ten volle hoe zwaar uw strijd was. Geen gewone sterveling was in staat om de schuld van de wereld op zich te nemen. Niemand van ons is sterk genoeg om alle verleidingen te weerstaan en tot de laatste adem rein te blijven. Maar U bent de van God gegeven Uitzondering: Immanuel, God met ons!
Ook wij hebben vaak grote moeite om U te begrijpen, Heer. Met onze wanhoop en vertwijfeling willen we gewoon maar bij U komen. Wij willen denken aan uw kinderen die het in deze dagen zwaar te verduren hebben. Wij willen uw volgelingen die gekweld worden door strijd en lijden in gebed bij U brengen. En we houden ons vast aan deze onwankelbare zekerheid: U hebt de wereld overwonnen!
Lieve Jezus, geef ons door uw Woord en uw Geest kracht om ook in deze tijd staande te blijven. En geef ons het geloof om uw woorden na te zeggen: "Ik ben niet alleen, want de Vader is bij mij." Amen.

maandag 10 december 2007

Je verdriet zal in vreugde veranderen

Daarop zeiden een paar leerlingen tegen elkaar: ‘Wat betekent wat hij nu zegt: “Nog een korte tijd en jullie zien me niet meer, maar kort daarna zien jullie me terug”? En: “Ik ga naar de Vader”? Wat betekent “nog een korte tijd”? Wat bedoelt hij toch?’ Jezus begreep dat ze hem iets wilden vragen. Hij zei: ‘Proberen jullie te begrijpen wat ik bedoelde met “Nog een korte tijd en jullie zien me niet meer, maar kort daarna zien jullie me terug”? Waarachtig, ik verzeker jullie: je zult huilen en weeklagen, terwijl de wereld blij zal zijn. Je zult bedroefd zijn, maar je verdriet zal in vreugde veranderen. Ook een vrouw die baart heeft het zwaar als haar tijd gekomen is, maar wanneer haar kind geboren is, herinnert ze zich de pijn niet meer, omdat ze blij is dat er een mens ter wereld is gekomen. Jullie hebben nu verdriet, maar ik zal jullie terugzien, en dan zul je blij zijn, en niemand zal je je vreugde afnemen. (Johannes 16:17-22)

REFLECTIE

Jezus heeft de leerlingen voorbereid op alles wat er met Hem stond te gebeuren. Soms was Hij zeer duidelijk, soms leek Hij in raadselen te spreken.
Vanuit ons beperkte, menselijke, perspectief kunnen we niet altijd overzien waarom dingen gebeuren. Evenmin kunnen we de uitkomst van deze dingen zien. Maar voor God kent de toekomst geen geheimen en Hij weet dat we soms door de pijn heen moeten om een diepere vreugde te kunnen vinden.
Jezus vergelijkt zijn eigen lijden met de pijn die een vrouw ondergaat om een kind ter wereld te brengen. Wie daar ooit persoonlijk getuige van is geweest, kan bevestigen dat zich daarbij een merkwaardig wonder voltrekt, want als het kind ter wereld gekomen is, lijkt alle pijn vergeten en is al het lijden verdrongen door een ongekende vreugde.

GEBED
Trouwe Heer, U wist wat uw taak op aarde was. Vanaf uw geboorte bleef U geconcentreerd op uw doel: het gehoorzamen van de Vader. Geen mens kon begrijpen hoe diep uw gehoorzaamheid en liefde zouden gaan en hoe groot het offer was dat U bracht. Ook vandaag staat ons verstand hierbij stil. Denkend aan de vreugde die voor U lag, liet U zich niet afschrikken door de schande van het kruis.* U wist waarom dit alles moest gebeuren en uw blik was gericht op de eeuwige blijdschap voorbij het kruis en het graf.
Als wij stilstaan bij uw geboorte, dan willen we dat ook doen in het licht van uw dood en opstanding. U kwam niet alleen om bij ons te zijn, maar U kwam bovenal om ons verdriet voor altijd in vreugde te veranderen. Wij hebben een blij vooruitzicht en wij danken U voor eeuwig! Amen

* Hebreeën 12:2

zondag 2 december 2007

Gods Geest staat ons bij

Nu ga ik weg, naar hem die mij gezonden heeft, maar niemand van jullie vraagt: “Waar gaat u naartoe?” Jullie zijn verdrietig, omdat ik jullie dat gezegd heb. Werkelijk, het is goed voor jullie dat ik ga, want als ik niet ga zal de pleitbezorger niet bij jullie komen, maar als ik weg ben, zal ik hem jullie zenden. Wanneer hij komt zal hij de wereld duidelijk maken wat zonde, gerechtigheid en oordeel is: zonde – dat ze niet in mij geloven, gerechtigheid – dat ik naar de Vader ga en jullie me niet meer zien, oordeel – dat de heerser over deze wereld is veroordeeld. Johannes 16:5-11

REFLECTIE
Jezus kondigt zijn vertrek in duidelijke woorden aan. Het lijkt wel of de werkelijkheid niet tot zijn leerlingen doordringt. Niemand vraagt Jezus waar hij naartoe gaat, ze zijn nog te vol met hun eigen vertwijfeling en zorg. Hoe moet het verder met hen als Jezus weggaat?
Jezus weet precies waar hij naartoe gaat: naar het huis van de Vader. Daarvandaan zal hij zijn Geest naar de aarde zenden. Het is belangrijk om te begrijpen wat de taak van deze pleitbezorger zal zijn: de Geest van God zal opkomen voor de kinderen van God. Hij zal de gelovigen beschermen en voor hen bij de Vader spreken met woordloze zuchten (Rom. 8:26).
Maar de Geest zal ook invloed hebben op de wereld, want hij zal hun zonde aan het licht brengen. De Geest zal duidelijk maken dat Jezus teruggegaan is naar de plaats die Hem toekomt: aan de rechterhand van God de Vader. De Geest zal ook met overtuiging tonen dat de tegenstander van God kansloos verslagen is.

GEBED
Dank U, Vader voor uw Zoon. Dank U Jezus, voor uw Geest. Wij mogen de goede werken doen die uw Geest heeft voorbereid. Uw Geest is al aan het werk in de harten van de mensen die nog naar U op zoek zijn. Wij mogen van U getuigen en in de overwinning gaan staan. Dank U dat het oordeel is uitgesproken over uw tegenstander. Dank U Jezus, dat U gekomen bent, niet om de wereld te oordelen, maar om haar te redden.* Amen

* Johannes 12:47

zondag 25 november 2007

Ook jullie moeten mijn getuigen zijn

Wanneer de pleitbezorger komt die ik van de Vader naar jullie zal zenden, de Geest van de waarheid die van de Vader komt, zal die over mij getuigen. Ook jullie moeten mijn getuigen zijn, want jullie zijn vanaf het begin bij mij geweest. Johannes 15:16,27

REFLECTIE
Het is duidelijk dat Jezus hier spreekt tegen de leerlingen die als ooggetuigen met Hem zijn opgetrokken. Ze hadden Jezus van dichtbij meegemaakt, zijn woorden gehoord, zijn wonderen gezien. Waarschijnlijk moesten ze er niet aan denken dat er een tijd zou komen waarin ze zonder hun Heer verder door het leven moesten gaan.
Gelukkig weten we dat Jezus zijn leerlingen niet als wezen heeft achtergelaten. In zijn plaats kwam de Pleitbezorger, de Trooster, de Geest van de Waarheid - de heilige Geest van God. In deze woorden komt naar voren hoe nauw Vader, Zoon en heilige Geest met elkaar verbonden zijn. De Geest komt van de Vader en is door de Zoon tot ons gezonden. De Geest brengt de waarheid van God aan het licht en Hij getuigt van Jezus. En wij, vrienden van Jezus die in onze Heer geloven zonder Hem ooit met onze eigen ogen gezien te hebben, zijn toch geroepen om zijn getuigen te zijn. De Geest van de Vader die door de Zoon naar ons is gezonden zal dat in ons bewerken!

GEBED
Dank U, Vader, Zoon en heilige Geest, voor uw aanwezigheid in ons leven. Dank U Vader, voor het Woord dat wij mochten horen. Dank U Geest van God, voor de waarheid die wij door uw kracht mogen leren verstaan. Dank U Jezus, trouwe Heer, voor uw nabijheid en voor de kracht die wij ook vandaag nog van U mogen ontvangen. Samen met de Geest bidt en pleit U voor ons bij de Vader. Met U zijn wij veilig geborgen in Hem. Amen

zondag 18 november 2007

Geen grotere liefde

Er is geen grotere liefde dan je leven te geven voor je vrienden. Jullie zijn mijn vrienden wanneer je doet wat ik zeg. Ik noem jullie geen slaven meer, want een slaaf weet niet wat zijn meester doet; vrienden noem ik jullie, omdat ik alles wat ik van de Vader heb gehoord, aan jullie bekendgemaakt heb. Jullie hebben niet mij uitgekozen, maar ik jullie, en ik heb jullie opgedragen om op weg te gaan en vrucht te dragen, blijvende vrucht. Wat je de Vader in mijn naam vraagt, zal hij je geven. Dit draag ik jullie op: heb elkaar lief. Johannes 15:13-17


REFLECTIE
Slaven moeten opdrachten van hun bazen uitvoeren en gehoorzamen. De baas weet wat er moet gebeuren en geeft commando’s – de slaaf heeft geen keuze, maar moet eenvoudig doen wat hem wordt opgedragen.
Jezus noemde zijn volgelingen geen slaven, maar vrienden. En vrienden koop je niet met geld, maar kies je met zorg en liefde. Jezus koos zijn vrienden uit en maakte hen bekend met de woorden van de Vader.
Zoals een bruidegom zijn bruid uitkiest (de bruid heeft de keuze om ja of nee te zeggen!), zo heeft Jezus ons uitgekozen. Het is een keuze uit liefde en niet een keuze uit drang. De opdracht die Jezus ons geeft is geen zware last. Vrucht dragen is het logische gevolg van in Christus blijven. Dat is geen geweldige inspanning, maar een hartskeuze die als vanzelf goede dingen voortbrengt. Daarnaast hebben wij als Jezus' vrienden ook deze opdracht gekregen: ‘heb elkaar lief’. Hoe moeilijk kan dat zijn als Jezus ons eerst heeft liefgehad?

GEBED
Elkaar liefhebben is niet altijd gemakkelijk, Heer. U gaf uw leven voor uw vrienden en grotere liefde bestaat niet. Maar uw offer is niet altijd door iedereen met dezelfde liefde en toewijding beantwoord. En ook ons geschenk van liefde wordt evenmin door iedereen op prijs gesteld. Maar wat een voorrecht dat wij uw vrienden mogen zijn! Wat een geluk dat u ons hebt uitgekozen om vrucht te dragen en elkaar lief te hebben. Help mij om in u te blijven, om gevoed te blijven door uw Woord en geleid te worden door uw Geest. Maak mij steeds meer zoals u, zodat ik de liefde voor anderen hoger stel dan de liefde voor mezelf. Laat mij uw trouwe, toegewijde vriend zijn. Amen

maandag 12 november 2007

Blijf in mij, dan blijf ik in jullie

‘Ik ben de ware wijnstok en mijn Vader is de wijnbouwer. Iedere rank aan mij die geen vrucht draagt snijdt hij weg, en iedere rank die wel vrucht draagt snoeit hij bij, opdat hij meer vruchten draagt. Jullie zijn al rein door alles wat ik tegen jullie gezegd heb. Blijf in mij, dan blijf ik in jullie. Een rank die niet aan de wijnstok blijft, kan uit zichzelf geen vrucht dragen. Zo kunnen jullie geen vrucht dragen als jullie niet in mij blijven. Ik ben de wijnstok en jullie zijn de ranken. Als iemand in mij blijft en ik in hem, zal hij veel vrucht dragen. Maar zonder mij kun je niets doen. Wie niet in mij blijft wordt weggegooid als een wijnrank en verdort; hij wordt met andere ranken verzameld, in het vuur gegooid en verbrand. Als jullie in mij blijven en mijn woorden in jullie, kun je vragen wat je wilt en het zal gebeuren. De grootheid van mijn Vader zal zichtbaar worden wanneer jullie veel vrucht dragen en mijn leerlingen zijn.’ Johannes 15:1-8

REFLECTIE
Voor mensen die tussen de wijnstokken en fruitbomen wonen is dit beeld direct duidelijk. Voor ons, mensen die meestal in een stedelijke omgeving leven, kost het wat meer moeite om het beeld van de wijnbouwer, de wijnstok en de ranken te begrijpen.
Wijnstokken moeten voldoende aandacht krijgen wanneer je er veel vruchten van wilt plukken. Jezus besteedde constant aandacht aan zijn Vader en zijn Vader zorgde voortdurend voor Hem. Jezus, de ware wijnstok, is Gods volmaakte voorbeeld voor ons en wij kunnen in Hem blijven. Wanneer ons pijnlijke dingen overkomen, mogen we blijven vertrouwen op de Vader, die als wijnbouwer constant in en rond ons aan het werk is - door zijn Woord en Geest. God schept omstandigheden voor geestelijke groei. Als wij aangesloten blijven op de ware wijnstok, onze Heer Jezus Christus - wanneer wij zijn woorden indrinken en zijn stroom van liefde en genade in onze levens toelaten - dan zullen wij veel vrucht dragen.

GEBED
Lieve Vader, ik dank U voor uw zorg voor mij. Ik begrijp niet altijd waarom U bepaalde dingen in mijn leven wegsnijdt. Het is niet altijd duidelijk waarom U pijn, moeilijkheden en tegenslag toelaat. Vaak is het erg moeilijk voor mij om uw werk als wijnbouwer te begrijpen. Maar ik wil met U in verbinding blijven staan door uw Zoon, door zijn Woord en Geest. Ik wil veel vrucht voor U dragen, niet in mijn eigen kracht, maar in volledige afhankelijkheid van het volbrachte werk van uw Zoon.
Lieve Heer Jezus, help mij om in U te blijven. Ik wil mijn leven niet weggooien en ik wil mooie kansen voor geestelijke groei niet onbenut laten. Voed mij, reinig mij door uw Woord, vul mij met uw kracht en laat mij tot eer van de Vader veel vrucht dragen. Amen

maandag 5 november 2007

Liefdeslijn

‘Als je mij liefhebt, houd je dan aan mijn geboden. Dan zal ik de Vader vragen jullie een andere pleitbezorger te geven, die altijd bij je zal zijn: de Geest van de waarheid. De wereld kan hem niet ontvangen, want ze ziet hem niet en kent hem niet. Jullie kennen hem wel, want hij woont in jullie en zal in jullie blijven. Ik laat jullie niet als wezen achter, ik kom bij jullie terug. Nog een korte tijd en de wereld zal mij niet meer zien, maar jullie zullen mij wel zien, want ik leef en ook jullie zullen leven. Dan zul je begrijpen dat ik in mijn Vader ben, dat jullie in mij zijn en dat ik in jullie ben. Wie mijn geboden kent en zich eraan houdt, heeft mij lief. Wie mij liefheeft zal de liefde van mijn Vader en mij ontvangen, en ik zal mij aan hem bekendmaken.’ Johannes 14:15-21

REFLECTIE

Als je van Jezus houdt, dan wil je naar hem luisteren. En ook al kunnen we onze Meester niet met mensenogen zien, we kunnen zijn aanwezigheid toch voelen. Jezus is uit het oog, maar niet uit het hart! Zijn Geest is gekomen om ons te leiden, troosten, versterken, inspireren. Er is een betrouwbare draadloze verbinding tussen hemel en aarde tot stand gebracht. Door deze onzichtbare lijn kun je in contact blijven staan met de liefde en waarheid van de Vader. Net als bij radiogolven en draadloos internet is deze connectie een onzichtbaar feit. En al is deze werkelijkheid nog zo mysterieus, toch kun je erop vertrouwen. Je kunt inbellen, aansluiting krijgen en gedachten en gevoelens uit het Vaderhart van God downloaden. Deze stroom is constant aanwezig en er zijn van bovenaf geen technische hindernissen of problemen. Als er toch storing op de lijn zit, dan moet je de oorzaak daarvan bij jezelf zoeken.

GEBED
Onzichtbare God, niets is zo echt als uw liefde voor mij en niets is zo puur als uw gedachten. Ja, U bent heilig, heilig, heilig! Ik wil met U in contact blijven en uw Boek binnen handbereik houden zodat ik kan ontdekken hoe onze lijn open kan blijven. Neem onreine gedachten bij mij weg, schep in mij een nieuw hart. Ik moet uw liefde eerst ontvangen voordat ik liefde aan anderen kan doorgeven; ik moet uw woorden eerst gehoorzamen voordat ik verstandige beslissingen kan nemen. Uw Woord leert me dat ik moet bidden onder alles en dat is precies wat ik van plan ben. Ik wil gehoorzaam zijn, ik wil liefhebben en door U geliefd zijn. Voortdurend! Amen